Feldenkrais is een methode die zich richt op hoe je beweegt.
Niet door harder te oefenen of jezelf te corrigeren, maar door met aandacht te onderzoeken wat je doet terwijl je beweegt.
Je maakt rustige, kleine bewegingen en merkt waar je spanning vasthoudt die eigenlijk niet nodig is. Van daaruit ontdek je alternatieven die makkelijker gaan. Het is geen sport en geen medische behandeling, maar bewegingseducatie: leren via ervaren.
(De methode is ontwikkeld door Moshe Feldenkrais.)
Feldenkrais kijkt niet naar één spier of één klacht, maar naar het bewegingspatroon als geheel.
Veel klachten ontstaan niet ineens, maar geleidelijk, doordat je dezelfde manier van bewegen blijft herhalen. Door daar bewuster van te worden, kan bewegen zich opnieuw organiseren. Je merkt bijvoorbeeld dat draaien, reiken of opstaan minder moeite kost.
In een les volg je gesproken aanwijzingen en beweeg je langzaam, vaak liggend op een mat of zittend op een stoel.
Er wordt niets geforceerd. Je onderzoekt verschillen: kleiner of groter, sneller of langzamer, met meer of minder moeite.
Het gaat niet om “goed uitvoeren”, maar om waarnemen.
Via die waarneming leert je zenuwstelsel nieuwe mogelijkheden kennen — en dat merk je later terug in hoe je zit, loopt, draait of opstaat.
Feldenkrais wordt vaak gevolgd door mensen die:
Je hoeft niet lenig te zijn. Je hoeft ook geen conditie te hebben. Je begint waar je nu bent.
Nee. Feldenkrais is geen medische behandeling en vervangt geen arts of therapeut.
Het is een leerproces waarin je gevoeliger wordt voor hoe je beweegt en hoe je spanning verdeelt. Omdat dat de basis is van alles wat je doet, merken veel mensen effect in klachten die steeds terugkomen.
Bij medische twijfel is overleg met een arts of behandelaar altijd verstandig.
Vaak wel. Je beweegt binnen je eigen grenzen en op je eigen tempo. Het uitgangspunt is niet “door de pijn heen”, maar stoppen of aanpassen zodra je merkt dat het te veel wordt.
Als bewegen op de vloer niet prettig is, kan het ook op bed of op een stoel. Bewegingen kunnen altijd kleiner worden — of je doet ze alleen in je verbeelding, in je hoofd (visualiseren).
Veel vormen van training zijn gericht op kracht, conditie of flexibiliteit.
Daarbij werk je meestal harder: je doet méér dan je gewend bent om sterker, fitter of soepeler te worden.
Feldenkrais richt zich vooral op coördinatie: hoe je jezelf organiseert in beweging.
Niet alleen wat je doet, maar hoe je het doet.
Door dat te verfijnen, verandert vaak ook wat je voelt tijdens bewegen. Niet ineens, maar geleidelijk — in gewone, dagelijkse handelingen.
Het is geen workout.
Je krijgt meer grip: je leert herkennen wat je doet en hoe je kunt bijsturen. Zodat je weet wat je kunt doen als pijn of stijfheid weer opspeelt.
Mensen beschrijven bijvoorbeeld:
Nee.
Er is geen juiste uitvoering en geen einddoel. Je doet wat binnen jouw mogelijkheden past en gebruikt feedback uit je eigen waarneming.
In het begin voelen veel mensen nog weinig. Dat is normaal. Gevoeligheid ontwikkelt zich door herhalen, zonder druk.
Binnen Feldenkrais bestaan verschillende vormen. De bekendste zijn:
Op deze website werk ik met ATM, in een online vorm die je thuis kunt volgen.
Dat je meer opties krijgt in bewegen: minder automatisch, meer keuzevrijheid.
Zodat je dagelijkse handelingen makkelijker gaan, met minder onnodige spanning.
Mijn werk is geworteld in Feldenkrais (ATM – Awareness Through Movement).
Dat vormt de basis van hoe ik kijk naar bewegen, leren en aandacht.
Daarnaast is mijn manier van lesgeven beïnvloed door Patterns of Physical Transformation (PPT), ontwikkeld door Ron Perry en Eddy Perry.
PPT is een lichaamsgerichte benadering, beïnvloed door verschillende stromingen (waaronder NLP), met veel aandacht voor patronen.
Dat is geen Feldenkrais-methode, maar een invalshoek die goed aansluit: het gaat om het herkennen en bijsturen van bewegingspatronen, in plaats van harder oefenen.
In mijn lessen merk je dat als: minder praten óver je lijf, meer voelen wat je doet — en waar het makkelijker kan.
Ik noem die manier van werken vaak mindful movement (mindful bewegen): bewegen met aandacht, zonder forceren, zodat je makkelijker beweegt in je dagelijks leven.
Sommige mensen ervaren deze manier van bewegen als een vorm van mindmassage.
Niet omdat er iets wordt gemasseerd, maar omdat het zenuwstelsel tot rust komt en het denken zachter wordt.
Je beweegt — en ondertussen ontstaat er ruimte. In je lijf én in je hoofd.
Door het te ervaren.
Eén les is vaak al genoeg om het principe te herkennen.
Lezen kan helpen om het kader te begrijpen, maar het echte verschil merk je tijdens het bewegen zelf — in kleine stappen, op een manier die haalbaar blijft in het dagelijks leven.
Zoek je een persoonlijker verhaal over hoe deze manier van bewegen vaak al veel eerder begint dan je denkt?
Lees het artikel ‘Het begint eerder dan je denkt’
